Immigratierecht: het lot van de asielzoeker

Zoals je waarschijnlijk inmiddels wel weet, studeer ik Rechtsgeleerdheid aan de Universiteit Leiden. Uren, dagen, weken, maanden zit ik met mijn neus in de (wet)boeken, maar het lijkt mij toch leuk om hier ook wat op mijn blog mee te doen. Zodoende is deze nieuwe categorie ontstaan en hoop ik regelmatig rechtsgerelateerde blogs online te zetten, die voor iedereen begrijpelijk zijn. Vandaag het eerste blogje over immigratierecht!

Immigratierecht

Immigratierecht gaat naast ‘gewone’ migratie natuurlijk ook over asielzoekers. Een gevoelig onderwerp in Nederland, want wij Nederlanders hebben het idee dat wij abnormaal veel asielzoekers aantrekken en beschermen. Afgelopen periode heb ik het keuzevak Immigratierecht gevolgd, en heb ik geleerd wat de vereisten zijn voor een asielzoeker om een verblijfsvergunning te krijgen, die best streng blijken te zijn.

De procedure: vereisten
Om een verblijfsvergunning op basis van asiel te krijgen, moet je voldoen aan ofwel de A-grond (verdragsvluchteling zijn) ofwel de B-grond (secundaire bescherming verdienen). Voor de goede orde: dit staat in artikel 29 van de Vreemdelingenwet.

De A-grond krijg je op basis van het Vluchtelingenverdrag, een verdrag van de Verenigde Naties, waarnaar wordt verwezen in de Vreemdelingenwet. Een verdragsvluchteling is “een persoon die uit gegronde vrees voor vervolging wegens zijn ras, godsdienst, nationaliteit, het behoren tot een bepaalde sociale groep of zijn politieke overtuiging, zich bevindt buiten het land waarvan hij de nationaliteit bezit, en die de bescherming van dat land niet kan of, uit hoofde van bovenbedoelde vrees, niet wil inroepen.”

De dikgedrukte elementen uit deze definitie zijn van belang om als verdragsvluchteling aangemerkt te worden, en zoals je wel begrijpt, is dit erg moeilijk om te bewijzen. Aan elk van deze vereisten hangen namelijk weer nadere vereisten, die de vreemdeling aannemelijk dient te maken. Het is dus erg belangrijk dat je als asielzoeker een goed en geloofwaardig verhaal hebt, dat je vrees hebt voor vervolging in je eigen land en dat je verhaal ook gesteund wordt door bijvoorbeeld documenten.

Gaat deze A-grond voor een asielzoeker niet op, dan kun je mogelijk nog bescherming krijgen via de B-grond, de zogenaamde subsidiaire bescherming. Deze bescherming verdien je indien je ‘gegronde redenen voor risico op ernstige schade’ hebt. Dit is bijvoorbeeld zo als je bedreigd wordt met de doodstraf of met folteringen. Je kunt deze bescherming verdienen op grond van algemeen geweld in een land, omdat je tot een bepaalde groep behoort of omdat je een risico het op individuele gronden. Nederland mag jou in het geval van een risico op dit soort schade niet terugsturen naar je land van herkomst, het zogenaamde refoulementverbod.

In de rechtbank
Om te zien hoe deze regels in het echt gehandhaafd worden, stond in het keuzevak een excursie naar de rechtbank Den Haag op het programma. Een van de zaken ging over 2 broers die vanuit Oekraïne gevlucht waren, omdat zij vreesden te worden ingelijfd bij het leger. Echter, 1 van de broers had zijn oproepkaart voor het leger niet meegebracht tijdens zijn reis naar Nederland, en bovendien had hij verkiezingsfraude gepleegd. Zijn hele verhaal werd hierdoor ongeloofwaardig. De andere broer was iets geloofwaardiger, maar de IND  vond dat de situatie in het land anders zou zijn dan de broers aanhaalden. Zo zou niemand zomaar van straat worden geplukt om het leger in te moeten, wat de broers wel beweerden. Kortom, de situatie in Oekraïne zou minder ernstig zijn in het echt, en daarom zouden de broers geen asiel moeten kunnen krijgen.

Helaas staat deze uitspraak (nog) niet online, maar ik vrees dat deze broers het kunnen schudden, en dus niet als asielzoeker toegelaten worden. Aan de ene kant vind ik het goed dat Nederland een streng beleid voert, maar aan de andere kant vind ik de persoonlijke gevallen erg schrijnend. Want wat gaat er gebeuren met deze 2 mannen als zij terugkeren naar Oekraïne? Misschien is de situatie wél zoals deze mannen beweren, en niet zoals de IND dénkt dat het is.

In dit vak is mij wel duidelijk geworden dat Nederland niet ‘zomaar’ elke asielzoeker toelaat. Sterker nog, zoals je hebt kunnen lezen, zijn er veel vereisten waaraan de asielzoeker dient te voldoen, en waarin hij geloofwaardig moet zijn. Toch is het immigratierecht nog altijd een punt van discussie, en kun je eigenlijk elke dag wel een bericht in de krant lezen dat hierover gaat. Dit komt natuurlijk voort doordat dit onderwerp aan de ene kant een onderwerp van beleid is, maar aan de andere kant een onderwerp dat over mensen gaat. We willen niet dat ons land ‘vol’ raakt, maar aan de andere kant zijn dit mensen zoals jij en ik, vaak met kleine kinderen.

Wil je wat meer weten over asiel? Kijk dan ‘Rot op naar je eigen land’, een programma op NPO over dit onderwerp!

Wist jij al iets over dit onderwerp? Of is dit heel nieuw voor jou? Let me know wat je van dit soort artikelen vindt!

Credits foto: Caleb George/Unsplash

2 gedachten over “Immigratierecht: het lot van de asielzoeker”

  1. Hoi Lisa! Heel leuk om te lezen over dit vak. Ik studeer ook in Leiden (Fiscaal Recht) en denk dit vak te kiezen als mijn keuzevak. Het lijkt mij leuk om over de immigratiewetten meer te leren omdat ik zelf 10 jaar geleden naar Nederland ben gekomen (vanuit Rusland). Dus dit onderwerp interesseert mij en ik lees wel forums over immigratie.
    Veel succes verder in je studie!

    1. Hoi Yana!

      Wat leuk! Het keuzevak is echt super interessant en leuk opgezet, je gaat bijvoorbeeld ook een middagje naar de rechtbank. Ook heel actueel en voor jou inderdaad misschien nog wel interessanter. En daarnaast is het vak ook prima te doen, haha. Ik heb eventueel de boeken nog, mocht het dezelfde druk zijn (staan ook op marktplaats). Jij ook succes! 🙂
      levenslies’s meest recente artikel: STRAFRECHT: Ik ben gekleurd, dus ik ben verdacht?My Profile

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge